Komende evenementen
wo feb 21, 2018
Ronde van Abu Dhabi
wo feb 21, 2018 @13:00 -
OWS Team Pursuit Heren
wo feb 21, 2018 @14:00 -
OWS Team Pursuit Dames
do feb 22, 2018
Grandprix 3 natuurijsmarathon Lulea (swe)
do feb 22, 2018
Ronde van Abu Dhabi
vr feb 23, 2018
Ronde van Abu Dhabi
vr feb 23, 2018 @11:00 -
OWS 1000m Heren
za feb 24, 2018
Grandprix 4 natuurijsmarathon Falun (swe)
za feb 24, 2018
Omloop Het Nieuwsblad
za feb 24, 2018
Ronde van Abu Dhabi
za feb 24, 2018 @12:00 -
OWS Mass Start Dames
za feb 24, 2018 @13:30 -
OWS Mass Start Heren
zo feb 25, 2018
Finale Grandprix natuurijsmarathons Lulea (swe)
zo feb 25, 2018
Grandprix 4 natuurijsmarathon Falun (swe)
zo feb 25, 2018
Ronde van Abu Dhabi
Login
Door hier in te loggen kom je op de Ledenpagina van STG Renkum/Heelsum



Banner

 

<<Terug

Heel Nederland beleeft veel plezier aan de schaatssport. Natuurlijk brengen deze sporten net als vele andere sporten risico’s met zich mee. In dit artikel lees je diverse tips als het gaat om uitrusting en veiligheid voor schaatsen op natuurijs. Op diverse plaatsen in dit artikel staan links naar uitgebreide informatie op de site www.voorkomblessures.nl

veiligheid uitrusting 2

Schaatsuitrusting

  • Goede schaatsen kunnen blessures voorkomen en vergroten het schaatsplezier. De ontwikkelingen in de productie van schaatsen zijn stormachtig. Er bestaan tegenwoordig meerdere soorten schaatsen met allemaal hun eigen, verschillende eigenschappen. Welke schaats voor jou geschikt is, hangt af van jouw niveau en persoonlijke wensen. Let bij het kopen van schaatsen in ieder geval op de goede pasvorm!Met scherpe schaatsen heb je meer grip op het ijs en sta je dus veel stabieler. Controleer je schaatsijzers regelmatig en laat deze tijdig slijpen, zodat je niet vlak voor vertrek nog maatregelen moet nemen.
    Klik hier voor een instructie over het slijpen van schaatsen op onze site.
    • Aandachtspunten pasvorm schaatsschoen
      • Je voet moet goed ‘opgesloten zitten’ zodat je je schaatsschoen goed kunt sturen. Deze mag daarbij niet knellen en pijn doen.
      • Je hiel mag niet slippen in je schoen.
      • De ruimte die in je schoen aanwezig is, mag zeker niet te groot zijn. Het moet niet nodig zijn om meerdere sokken over elkaar heen te trekken. Tijdens het schaatsen heb je geen voetafwikkeling, waardoor ruimte in je schoenen overbodig is. Dit in tegenstelling tot gewone schoenen. Je schaatsschoen kan daardoor een maat kleiner zijn dan je gewone schoen. Koop ook nooit schaatsen ‘op de groei’.
    • Aandachtspunten bij het kopen van schaatsen
      • Draag tijdens het passen (en schaatsen) 1 paar dunne sokken die strak om je enkels zitten.
      • Loop je op steunzolen? Dan hoef je deze niet in je schaatsen te doen. Tijdens het schaatsen maak je namelijk geen loopbeweging. Daarnaast past een steunzool nooit helemaal goed in je schaatsschoen. Deze zorgt er vaak voor dat de schaats niet meer goed onder je voet zit. En dat wil je bij schaatsen juist niet.
  • Draag een helm. Je kunt zelf een val veroorzaken, maar ook bijvoorbeeld andere schaatsers en oneffenheden in het ijs kunnen hiervoor zorgen. Een helm beschermt je hoofd bij een val en draagt zo bij aan het voorkomen van (hersen)letsel. Er zijn meerdere soorten helmen. Als je schaatst met een helm is het belangrijk dat deze helm een val op het hoofd goed opvangt, maar ook dat deze geen puntige vorm aan de achterkant heeft en dat er geen schaatsijzer door kan komen.
  • Als schaatser is het belangrijk om handschoenen te dragen. En niet alleen tegen de kou. Scherp geslepen schaatsen en het ijs zelf kunnen schaaf- en snijwonden veroorzaken als je valt. Iemand kan per ongeluk over jouw vingers schaatsen als je op het ijs ligt.
  • Met polsbeschermers bescherm je je polsen op een effectieve manier en voorkom je polsblessures zoals botbreuken.
  • Schaats je in grote groepen ofwel pelotons? Dan kun je door een ‘misslag’ van een schaatser voor je makkelijk tegen zijn ijzer aanrijden. De schaatsen hoeven dan niet eens scherp te zijn om snijwonden te veroorzaken. Je kunt als schaatser bij een misslag ook je eigen enkels raken met je ijzers. Draag daarom scheen- en enkelbeschermers.
  • Sportkleding is aangepast aan de behoeften van deze tijd. Materiaal moet soepel zijn en vocht afvoeren, en optimale en veilige resultaten niet in de weg staan. Draag comfortabele kleding die vocht afvoert, isoleert en water- en wind afweert.
  • Gebruik bij extreme kou onder andere winddichte kleding, een bivakmuts, een skibril en watervrije vaseline voor je gezicht. Neem een dag-rugzakje mee om deze spullen op te bergen als het warmer is.

veiligheid uitrusting 3

Training en herstel

Als je schaatst, dan belast je je lichaam op een bepaalde manier. Tijdens een tocht schaats je al snel zo’n 4 tot 6 uur (of meer) achter elkaar. Wil je veilig het ijs op en schaatsblessures voorkomen? Zorg dan voor een goede training en bouw het schaatsen stap voor stap op en verbeter je conditie en kracht met schaatsoefeningen. Laat je lichaam goed herstellen voordat je weer gaat trainen.

Veiligheidsregels op natuurijs

Voor schaatsen op natuurijs gelden andere regels dan schaatsen op kunstijs. Er liggen namelijk andere gevaren op de loer. Je kunt bijvoorbeeld door het ijs zakken. De KNSB heeft gouden veiligheidsregels vastgesteld.

Voorbereiding

  • Ga er nooit alleen op uit op natuurijs. De meeste mensen die op het ijs omkomen, zijn alleen op pad gegaan. Met andere woorden: ga er nooit alleen op uit op natuurijs. Ga minimaal met z’n tweeën schaatsen en het liefst met een klein groepje. En laat het thuisfront weten waar je gaat schaatsen!
  • Stel je op de hoogte van de lokale ijssituatie. De kwaliteit van natuurijs verschilt per regio. Als je de locatie waar je gaat schaatsen niet kent, informeer dan bij de lokale ijsclub of je op het natuurijs in de buurt veilig kunt schaatsen. Of kijk op knsb.nl/toerschaatsen. Kom je onderweg andere schaatsers tegen, dan is het verstandig ook bij hen naar de omstandigheden van het ijs te vragen.
  • Neem touw, ijspriem, ijsstok en een fluitje mee. Met een ’Natuurijs Veiligheidsset’, bestaande uit een speciale ijspriem en een stuk touw, kun je jezelf uit een wak trekken of een ander helpen die door het ijs is gezakt. Met een ijsstok kun je de dikte van het ijs testen, en met het fluitje kun je op afstand mensen laten weten waar je bent en hulp nodig hebt.
  • Neem een voldoende uitgeruste EHBO-set mee. Wat pleisters en een stukje verband kan soms heel handig zijn om bij je te hebben. Een scherpe punt van andermans schaats kan soms voor verwondingen zorgen. Een isolatiefolie in je dag-rugzakje kan goed van pas komen bij onderkoeling als er iets gebeurd is. Ook voor anderen op het ijs is het goed als het onderweg beschikbaar is.
  • Neem een mobiele telefoon en reserve kleding mee. Het meenemen van een mobiele telefoon en een extra set kleding, beide waterdicht verpakt in een dag-rugzak, is zeer welkom voor noodgevallen. Bel, sms en mail echter niet terwijl je aan het schaatsen bent.

veiligheid uitrusting 1

Op het ijs

  • Zorg dat je op ’goedgekeurd’ ijs schaatst. Ondergelopen stukken land, maar ook de landijsbanen van ijsclubs zijn de plaatsen waar snel ’veilig’ geschaatst kan worden. Op knsb.nl/toerschaatsen vind je welke natuurijsbanen open zijn. Als het langer vriest, garanderen de door de ijsclubs van de KNSB georganiseerde toertochten een optimale veiligheid.
  • Let op kleurveranderingen, randen en scheuren in het ijs. Bij kleurverandering van het ijs kan de kwaliteit van het ijs ook anders zijn. Wees bij aangevroren randen met een afwijkende (geelwitte) kleur bedacht op windwakken. Deze kunnen ook bij strenge vorst lang open blijven en een behoorlijke omvang hebben. Zijn ze toch dichtgevroren, dan kunnen ze een te dun laagje ijs hebben. Let ook op scheuren in het ijs. Als je daar in blijft hangen met een schaats of vast raakt, kan je lelijk vallen. Dus ook daar voor oppassen. Probeer zoveel mogelijk dwars met je schaats over de scheuren heen te gaan.
  • Let extra op bij bruggen, vogels, riet, waterplanten en overhangende takken. Bij bruggen, vogels, riet, waterplanten en overhangende takken van bomen is het ijs in de meeste gevallen onveilig. Bij lage bruggen moet je ook uitkijken dat je je hoofd niet stoot. Zelfs een licht botsing kan leiden tot ernstige verwondingen. Pas bij een brug ook goed op als je een rugzakje op je rug hebt, dat deze niet blijft haken achter de brug.
  • Houd voldoende afstand van elkaar. Rijd nooit naast elkaar, maar altijd achter elkaar met voldoende (10 meter) tussenruimte. Je kunt dan beter zien wat er voor je aan de hand is met het ijs of bij plotselinge opstoppingen dan wel een valpartij voor je nog uitwijken. Schaats bovendien ook aan de goede kant en nooit tegen de stroom in.
  • IJs aan de walkant, vooral de kant waar de zon op schijnt, is altijd zwakker. Neem een grote stap als je van de wal het ijs op stapt en kijk waar anderen veilig het ijs opgegaan zijn.
  • Wees altijd op je hoede voor windwakken. Vaak worden windwakken aangegeven door een rand, die een andere kleur (geelwit) heeft.
    Pas bij een laagstaande zon extra op, want dan raak je snel verblind, waardoor je de randen van een windwak nauwelijks of te laat ziet.
  • Pas op bij lozingsplaatsen, plekken waar waterwegen op elkaar uitkomen en bij vaargeulen. Op diverse plekken wordt soms vervuild en/of warm water geloosd, waardoor het ijs er vaak dunner is. Op plekken waar waterwegen samenkomen, kan het ijs door stroming minder dik zijn. Ook vaargeulen houden risico’s in. In ieder geval moet je goed uitkijken of je een vaargeul wel over kunt steken. Daarnaast hoeft een vaargeul waarover ’s morgens geschaatst kon worden, ’s middags niet per definitie ook veilig te zijn. Er kan inmiddels weer een boot doorheen zijn gevaren. Als het overdag vriest, zijn de gaten tussen de schotsen van de vaargeul zo weer met een klein ijsvliesje bedekt en zie je het verschil niet.
  • Pas op bij kistwerken. Het opgekruide en daarna vastgevroren ijs van een kistwerk zorgt vaak voor kluunplaatsen. Het ijs op de scheurrand kan ook naar beneden worden geduwd. In dat geval komt er water op het ijs te staan of ontstaat er een watergeul. Pas altijd je snelheid aan en zorg voor een goede oversteek.
  • Wees extra waakzaam bij mist. Je gaat echt de ’mist’ in als je de situatie op het ijs en bij gebrek aan uitzicht niet goed overziet: je hebt vaak onvoldoende zicht op grote wakken en zwakke plekken van het ijs.
  • Zorg dat je voor het donker thuis bent. In het donker schaatsen is per definitie levensgevaarlijk. Je kunt slecht en zwak ijs niet herkennen en mocht je door het ijs zakken, dan kun je je in het donker niet of slecht oriënteren. En als dat laatste gebeurt, tasten ook de hulpverleners letterlijk in het duister waar ze moeten zijn om je te kunnen helpen.
  • Ga nooit schaatsen op ijs waar sneeuw op ligt. Als er sneeuw is gevallen en het ijs niet is geveegd, is het levensgevaarlijk om te gaan schaatsen. Ben je onder het ijs gekomen en ligt er geen sneeuw op het ijs, zwem dan naar de donkere plek, hier ben je door het ijs gegaan.
    Ben je onder het ijs gekomen en is het besneeuwd, dan moet je naar het lichte gedeelte zwemmen.
  • Ga bij twijfel altijd terug. Het is altijd beter veilig terug te keren dan het onbekende risico aan te gaan. Dat geldt ook voor vermoeidheid. Soms kan een geplande afstand te hoog gegrepen zijn, en als je vermoeid raakt kun je minder alert reageren. De kans op valpartijen is dan groter.

Bron: www.knsb.nl en www.voorkomblessures.nl


Laatst aangepast (zondag, 28 februari 2016 15:03)